Compensatie van aanzienlijk lagere WW-uitkering middels de billijke vergoeding

Terug

Ook de rechtbank Rotterdam maakt, voor de berekening van de billijke vergoeding, een vergelijking tussen de actuele situatie van de werknemer en de situatie waarin het ontslag niet zou hebben plaatsgevonden.

In deze zaak gaat het om een statutair bestuurder die door de vergadering van aandeelhouders ontslagen is onder verwijzing naar een verschil van inzicht over de inhoud van zijn functie. Volgens de rechtbank is er geen sprake van een voldragen grond voor ontslag, nu de werkgever heeft nagelaten de statutair bestuurder aan te spreken op tekortkomingen in zijn functioneren.

Daarmee heeft de statutair bestuurder volgens de rechtbank recht op een billijke vergoeding van €57.000 bruto. De billijke vergoeding is door de rechtbank gebaseerd op het verwachte inkomensverlies van de statutair bestuurder gedurende de verwachte periode waarin hij werkloos is (9 tot 12 maanden) en waarin hij recht heeft op een WW-uitkering die aanzienlijk lager is dan het laatstverdiende loon. Wat verder opvalt aan deze zaak, is dat de rechtbank geen gebruik maakt van de rekentool hoelangwerkloos.nl omdat deze gebaseerd is over de periode van 2003 tot 2012 en er inmiddels sprake is van een totaal andere economische conjunctuur.

Publicatiedatum 02/01/2018
Compensatie van aanzienlijk lagere WW-uitkering middels de billijke vergoeding

Volg ons op social media