Hoe standvastig is een vaststellingsovereenkomst?

Terug

Op grond van de wet heeft de werknemer het recht de vaststellingsovereenkomst binnen veertien dagen na de datum waarop de overeenkomst tot stand is gekomen zonder opgaaf van redenen te ontbinden door een aan de werkgever gerichte schriftelijke verklaring. Werkgever dient deze bedenktermijn in de vaststellingsovereenkomst te vermelden. Doet werkgever dat niet, dan bedraagt de bedenktermijn 21 dagen.

De werkgever heeft geen ‘bedenktermijn.


Als sprake is van dwaling, bedrog of misbruik van omstandigheden ( de zogeheten ‘wilsgebreken”) kan een eenmaal gesloten overeenkomst achteraf worden vernietigd.


Voorbeelden in de rechtspraak waarbij de werknemer met succes beroep deed op een wilsgebrek zijn:

de situatie waarin de werknemer foutief door werkgever was geïnformeerd over het kunnen verkrijgen van een WW-uitkering;
de situatie waarbij werkgever ten onrechte de werknemer dreigde met ontslag op staande voet en hem geen tijd gunde voor het inwinnen van advies alvorens de vaststellingsovereenkomst te ondertekenen.

Een voorbeeld van een situatie waarin werkgever beroep zou kunnen doen op bedrog betreft de situatie waarbij werknemer voorafgaande aan het sluiten van de vaststellingsovereenkomst heeft verklaard geen uitzicht te hebben op ander werk, terwijl werknemer dat uitzicht wel had. Overigens blijft in dat geval de beëindiging van de arbeidsovereenkomst wel in stand, maar kan werknemer geen aanspraak meer maken op de (eventueel) overeengekomen ontslagvergoeding.

Publicatiedatum 10/04/2016

Volg ons op social media