Ragetlieregel

Terug

Ragetlieregel

Een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd eindigt niet van rechtswege na het verstrijken van de duur waarvoor deze is overeengekomen als de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd volgde op een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, die anders dan door ontbinding door de rechter of opzegging door of namens de werkgever is geëindigd, waaronder het UWV.

Hierbij dient bedacht te worden dat geen sprake is van een dergelijke opzegging als het een opzegging betreft door de werkgever met instemming van de werknemer.

Deze uitzondering op de hoofdregel dat de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege eindigt na het verstrijken van de overeengekomen duur doet zich dus voor als de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd volgde op een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd die:

van rechtswege is geëindigd;
met wederzijds goedvinden is geëindigd;
is opgezegd door de werknemer; of
is opgezegd door de werkgever met instemming van de werknemer.


Wel is uiteraard van belang dat vanaf 1 juli 2015 de ontslaggrond in geval van een beëindiging van de arbeidsovereenkomst op initiatief van de werkgever de ontslagroute bepaalt.

Als tijdige opzegging achterwege blijft, de arbeidsovereenkomst ook niet op één van de andere wijzen eindigt en de gevolgen van de voortzetting van de arbeidsovereenkomst niet uitdrukkelijk zijn geregeld, wordt de arbeidsovereenkomst geacht te zijn voortgezet voor dezelfde tijd, maar voor maximaal een jaar, op de vroegere voorwaarden.

De ketenregeling is op deze reeks van arbeidsovereenkomsten van toepassing, waardoor dus (op termijn) weer een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd kan ontstaan.

Onderbrekingstermijn van maximaal zes maanden
De Ragetlieregel doet zich alleen voor als tussen de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd en de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd een periode is gelegen van maximaal zes maanden.
Als tussen de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd en de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd sprake is van een onderbrekingstermijn van zes maanden en één dag of langer dan dat dan is de Ragetlieregel niet aan de orde.

Mocht de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd niet zelf volgen op een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, maar volgen op een of meerdere andere arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, waarvan de eerste arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd volgde op een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd die anders dan door ontbinding door de rechter of opzegging door of namens de werkgever is geëindigd dan geldt de Ragetlieregel ook.

Ook dan geldt weer dat als tussen één of meerdere van de verschillende arbeidsovereenkomsten een periode is gelegen van zes maanden en één dag of langer dan dat de Ragetlieregel niet aan de orde is.

Publicatiedatum 27/05/2016

Volg ons op social media