Veranderingen arbeidsrecht als gevolg van een nieuw kabinet

Terug

Vanaf 1 januari 2018 krijgen zelfstandige opdrachtnemers – zoals schoonmakers en maaltijdbezorgers – die arbeid verrichten op basis van een overeenkomst van opdracht (OVO) recht op het wettelijk minimumloon. Dit bedrag zal tussen de €15,- en €18,- per uur liggen. Dit wettelijk minimumloon zal ook gaan gelden voor mensen die op basis van een andere overeenkomst tegen beloning werken, zoals een aanneem-, uitgeef-, of vervoersovereenkomst.

Het wordt makkelijker om mensen te ontslaan. Werknemers kunnen daarentegen wel rekenen op een hogere ontslagvergoeding (transitievergoeding).

Werkgevers hoeven een werknemer pas na drie jaar vast in dienst te nemen, dit is nu twee jaar. 

Arbeidsmigranten uit de EU kunnen straks pas WW-uitkering krijgen als ze 26 weken in Nederland gewerkt hebben.

Werknemers hebben binnenkort vanaf het begin van hun arbeidsovereenkomst recht op een transitievergoeding, in plaats van pas na twee jaar.

Vanaf 1 juli 2019 krijgen werknemers vanaf 21 jaar recht op het volledige minimumloon en gaat het minimumjeugdloon voor werknemers van 18, 19 en 20 jaar verder omhoog.

De loondoorbetalingsplicht bij ziekte wordt voor kleine bedrijven (max. 20 werknemers) beperkt tot één jaar. Voor het tweede jaar komt er een collectieve regeling. 

Per 1 januari 2019 krijgen partners vijf dagen vaderschapsverlof. Deze vijf dagen worden volledig doorbetaald.

De mogelijkheden voor een langere proeftijd worden verruimd om het aangaan van een contract voor onbepaalde tijd aantrekkelijker te maken voor werkgevers. Bij het direct aanbieden van  een contract voor onbepaalde tijd mag een proeftijd van vijf maanden worden overeengekomen.

Publicatiedatum 17/10/2017
Veranderingen arbeidsrecht als gevolg van een nieuw kabinet

Volg ons op social media